Categorie archief: gedachten

Zeggen wat je denkt

Toen Theo van Gogh vermoord werd in 2004 schreef ik een ingezonden brief in de Leeuwarder Courant over de vrijheid van meningsuiting. Ik kreeg daar kritische reacties op in de zin van: wie aan de grenzen van meningsuiting probeert te komen, neemt ons land een fundamentele waarde af. Anderen begrepen mijn punt beter: het feit dat we die vrijheid hebben, wil nog niet zeggen dat we die tot op het randje hoeven te gebruiken om daarmee anderen stelselmatig in de hoek te zetten. Ik moet dezer dagen weer veel aan die periode denken.

De discussie over de vrijheid van meningsuiting was al begonnen met de moord op Pim Fortuyn. Ook toen mengde ik me in het publieke debat onder andere met initiatief tot het organiseren van een Moment voor Verdraagzaamheid in Leeuwarden.

Wat is er sindsdien veel gebeurd. De rechtzaak van Wilders was daarin wel een hoogtepunt. Mijn mening is eigenlijk niet veranderd: het is aan ons allemaal om verstandig om te gaan met woorden. Het houdt me dezer dagen weer erg bezig. Ik hoop zo dat de afschuwelijke gebeurtenissen in Noorwegen iedereen, burger en politicus, aan het denken zet. Ieder voor zich kan een afweging maken over zijn of haar eigen toon. De samenleving is van ons: we zijn er samen verantwoordelijk voor.

Advertenties

Afscheid

Vandaag neemt onze dochter afscheid van de basisschool. Weken  heeft zij, en wij ook, naar dit moment toegeleefd. Vanavond nog een gezellig avondje met ouders, een etentje en dan… de vleugels uitslaan.

Mijn schrijverschap en de basisschool hebben alles met elkaar te maken. Toen onze dochter vier werd, nu acht jaar geleden dus, kozen we voor openbaar onderwijs omdat we christelijk onderwijs te benauwd vonden. Ik wilde graag een brede opvoeding bieden en dat religieuze stuk: daar gingen we zelf wel wat mee aan de slag.

Ik sloeg boeken in, maar dat ene boek met de ‘greatest hits’ van de religies kon ik niet vinden. Zo ontstond de verzameling religieuze verhalen die uiteindelijk leidde tot Over engelen, goden en helden. Dankzij enthousiaste reacties op mijn vrijetijdsbesteding (want meer was het in eerste instantie niet) op het schoolplein en onder vrienden, durfde ik de gang naar een uitgever aan. Met Ploegsma was er vanaf dag één een klik. En zo is het gekomen.

Toen het boek in 2007 van de pers gerold was, haalde ik onze dochter spontaan uit school en nam haar mee naar Ploegsma in Amsterdam. Daar hingen slingers in de kamer van uitgever Martine Schaap. Met Susan Brooijmans, redacteur, vierden we dat de Engelen waren gearriveerd. Wat een feest!

‘Mijn naam staat erin!’ zei ons meisje blij toen ze zag dat het boek aan haar en haar broer was opgedragen. Ze was verbijsterd toen ze hoorde dat dit voor alle 6000 gold. Sindsdien zijn we vier drukken, een Zweedse vertaling en een E-book verder. Er zijn zes titels verschenen en ik werk aan twee nieuwe.

Toch was dat schrijverschap er niet van gekomen zonder ons meisje, zonder de school, de ouders op het schoolplein en vooral ook niet zonder Ploegsma. Dat alles denk ik vandaag bij het afscheid van de basisschool. Ons kleine meisje is zo klein niet meer. De traantjes zullen vanavond wel komen…